Terug naar overzicht
12-07-2016

Controle op stadsverwarming, zin of onzin?

Controle op stadsverwarming, zin of onzin?

Er worden jaarlijks heel veel woningen opgeleverd. Als deze zijn voorzien van een individuele warmteopwekking (gastoestel en/of warmtepomp), dan is het aanvragen van een gasmeter en elektrameter geen probleem. Dit gaat meestal geruisloos. Door de netbeheerder (nutsbedrijf) wordt er immers niet gecontroleerd hoe de verwarmingsinstallatie is uitgevoerd.

In situaties waarbij er echter stadsverwarming wordt toegepast, gaat dit heel anders. Het nutsbedrijf (Dienst Stadsverwarming) stelt namelijk strenge eisen aan de verwarmingsinstallatie en de hiervoor te maken berekeningen (warmteverliesberekening en leidingnetberekening). Je kunt je afvragen waarom er door het nutsbedrijf ingeval van stadsverwarming zo streng wordt toegezien op de kwaliteit van de binneninstallatie.

Stadsverwarming wordt streng gecontroleerd vanwege:

  1. De stadsverwarmingsunit is eigendom van de dienst stadsverwarming, dus als er klachten (koude-problemen) zijn, is het logisch dat zij worden gebeld. De dienst stadsverwarming heeft er dus veel belang bij dat de installatie zo probleemloos mogelijk gaat functioneren.
  2. Het rendement van de warmteopwekking voor stadsverwarming is gebaat bij een zo laag mogelijke retourtemperatuur. Om die reden gelden er bijzondere eisen aan de binneninstallatie met als doel de maximale retourtemperatuur zo veel mogelijk te waarborgen.

Het belang van een intensieve controle door het desbetreffende nutsbedrijf is dus heel begrijpelijk. Je kunt dit beschouwen als een nadeel, omdat je als installateur veel extra werk (en kosten) moet maken. Echter, door deze controle word je (nog meer) gedwongen om de installatie goed te ontwerpen.
Dit betekent in de praktijk dat je niet ontkomt aan het verzorgen van de volgende zaken:

  • Het (laten) maken van een nauwkeurige warmteverliesberekening;
  • Het (laten) maken van een goed ontwerp met daarin opgenomen de vereiste voorzieningen;
  • Het (laten) maken van een nauwkeurige leidingnetberekening met inregel gegevens.

Als je dit alles goed voor elkaar hebt, zullen er weinig problemen zijn bij het krijgen van warmte!

Tips (ter voorkoming van onnodige vertraging):

  • TIP 1... Zorg ervoor dat er voorafgaand aan het werk een gedegen warmteverliesberekening is gemaakt (voor woningen volgens ISSO 51, en voor utiliteit volgens ISSO 53)
  • TIP 2... Houd je aan de voorschriften die er voor stadverwarmingsinstallaties gelden
  • TIP 3... Omdat elke stadsverwarmingsinstallatie goed moet kunnen worden ingeregeld, is het van belang dat hiervoor de nodige voorzieningen zijn meegenomen:
    • Gebruik dubbel instelbare radiatorafsluiters om in te regelen (met voetventielen gaat dit lastiger) en stem de grootte hiervan af op de capaciteit van de radiator. Bij kleine radiatoren zul je afsluiters moeten toepassen met fijn-instelling (lage kvs-waarde) en bij grotere radiatoren kunnen dit standaard afsluiters zijn (voor-instelling). 
      Als je de leidingnetberekening gaat uitbesteden, dan zijn onderstaande punten ook van belang:
    • Maak een lijst met de gebruikte materialen en appendages (leidingmateriaal, afsluiters, inregelvoorzieningen).
    • Zet het voorontwerp op tekening met eventueel de voorlopige (ingeschatte) diameters.

Het lijkt dus een heel gedoe, maar als je onze tips voorafgaand aan het werk meeneemt, valt het best mee. Wij maken het regelmatig mee dat de gehele installatie al gereed is, maar dat er nog niets is berekend en getekend. Dan wordt men geconfronteerd met de eisen en voorwaarden en moet er op stel en sprong nog wat geregeld worden. Dit werkt dan irritatie en onnodige kosten in de hand. Dus (ook) bij stadsverwarming geldt: een goede voorbereiding is het halve werk! 

Reacties

Op dit moment zijn er nog geen reacties.

Reageer ook